|
|
|
|
|
| Inmiddels heb ik na het vorige verhaal over het eerste
jaar alweer
bijna een half jaar langer mogen genieten van mijn CX. De teller staat
nu ruim boven de 430000 en de oude dame vertoont nog geen enkel teken
van
vermoeidheid. Echte vette pech heb ik niet meer gehad met de CX, wel
wat
ongemakken en zorgen, maar dat heb je in iedere relatie. Met mijn
andere
auto, de Hyundai
H100, is het veel slechter
gegaan.
Hij is mij zelfs ontstolen, lees daarover elders op deze site. De CX heeft in juli en begin augustus een maand rust gehad. We gingen op vakantie met de H100 en ik mocht de CX bij de garage van Wil Wijnhoven neerleggen. Wil heeft haar toen nog eens goed onderhanden genomen, APK gekeurd en nieuwe kentekenplaten gezet. Ik vind haar die trouwens best leuk staan. Ze lijkt er jonger door. Maar het probleem van het olie- en koelvloeistof bleef, verergerde zelfs. Ik vulde ieder weekend wel een litertje olie en een flinke slok koelvloeistof bij. Ook het te heet worden van de koelvloeistof, soms boven de honderd graden bij hoge snelheden of in files, bleef mij zorgen baren. Dus reed ik iedere dag met een kalm gangetje naar mijn werk, de digitale temperatuurmeter regelmatig raadplegend, op aangepaste tijden, files nauwgezet vermijdend. Zo bleven de brandstofkosten ook mooi binnen de perken. Ondanks de explosieve stijging van de dieselprijs bleef de kostencalculatie voor brandstof stabiel op 13 cent per kilometer. Aangezien Wil Wijnhoven gestopt was met zijn garage moest ik voor de volgende grote beurt een andere monteur aan haar laten zitten. Ik besloot om de nieuwe eigenaar van het bedrijf van Wil een kans te geven, maar ik zag er wel tegenop. Ik stelde het zo lang mogelijk uit en in plaats van na de gebruikelijke 10000 kilometer ging ik pas na 15000 kilometer. Ik legde de problemen uit aan de nieuwe garagehouder, wees hem op het vloeistoffenverbruik en op het knarsen en kraken van de achtervering (help, de draagarmlagers?) en ging redelijk gerustgesteld met de leenauto (een bijna nieuwe Xantia Break 1.8I) naar mijn werk. Toen ik terugkwam hoorde ik tot mijn grote opluchting dat alles goed in orde was, geen speling in de draagarmlagers, en dat er alleen een barst in het koelvloeistofvat had gezeten en dat de koppakking aan vervanging toe was geweest. Zo’n 750 gulden lichter, maar met een tevreden gevoel reed ik naar huis. Het leek wel of ze sneller was geworden! De acceleratie was geweldig! Ik gaf haar eens lekker de sporen, totdat ik een rood lampje zag branden. Dit had ik nog nooit zien branden, maar ik wist dat het een waarschuwingslampje was van de turbocompressor. Ik informeerde hier en daar of dit kwaad kon, maar dat was niet het geval. Gewoon gas terug nemen en het lampje ging weer uit. Blijkbaar was de compressie verbeterd, waardoor ze ook sneller accelereerde. Een week later, bij de rituele controle van de vloeistofniveau’s, bleek er niets te zijn verbruikt! Van de koelvloeistof had ik dat verwacht, het lek was immers gevonden, maar ook geen olieverbruik meer? Ik kon het niet goed geloven. Tevens besefte ik opeens dat de oliepeilmeter weer aardig goed werkte. Het ging netjes aan bij het starten en niet meer alleen af en toe tijdens het rijden. De volgende weken volgde ik het oliepeil nauwgezet, maar zowel de oliepeilmeter als de peilstok geven tot nu toe totaal geen verbuik meer aan. De nieuwe garagehouder heeft dus mijn vertrouwen gewonnen. Wel zit ik nu met liters olie en koelvloeistof in de achterbak, waarvoor ik geen bestemming meer kan vinden. In oktober had ik een aanrijding. Ik bracht mijn zoontje ’s morgens vroeg naar de creche. De ramen zaten dicht van de condens. Met een trekkertje de zijruiten gedaan, de blower op de vooruit en de achterruitverwarming zou de rest wel doen dacht ik. Maar helaas, de achterruitverwarming had er geen zin in. Aangekomen bij de creche wilde ik achteruit inparkeren op een krap plekje. Ik zag nog steeds niets door de achterruit, maar de afmetingen van de CX onderhand goed kennende reed ik vol zelfvertrouwen achteruit en draaide het stuur een slag waarvan ik wist dat ze dan precies op de voor haar bestemde plek zou uitkomen. Maar voor het zover was, boem! Een auto van onbestemde Japanse makelij was blijkbaar net aan komen rijden, tegen de linkerachterhoek van mijn CX aan. Ik stapte kalm uit en bekeek eerst de schade aan mijn CX. Dat viel nogal mee, een klein deukje in de hoek naast de achterlamp en wat barsten in de kunststof bumper. Toen keek ik een woedend slachtoffer in het gezicht, die mij met zwaaiende armen en onder luide verwensingen tegemoet kwam treden. Zijn auto zag er inderdaad minder florisant uit. De koplamp was compleet verbrijzeld en de motorkap stond in een knik omhoog. Ik kalmeerde de man, pakte een schadeformulier en begon te schrijven. De man belde met zijn mobiele telefoon de politie. Is dat nou nodig, vroeg ik. Hij vond van wel, want ik zou moeten betalen. Dat regelt de verzekering wel vond ik. Ik vroeg hem het schadeformulier ook in te vullen en toen hij klaar was nam ik afscheid. Maar de man hield mij woest tegen, ik moest de komst van de politie afwachten. Die hebben toch wel wat beters te doen, vindt u niet, opperde ik beleefd. Maar hij was onvermurwbaar. Ondertussen had mijn zoontje stilletjes achterin de auto gezeten, maar nu begon hij de aandacht te trekken. Dat gaf me een goed excuus om de plek des onheils te verlaten en ik pakte hem op. Eerst breng ik hem even weg, zei ik. Dat kon de man niet verhinderen. Op de creche nam ik maar een kop koffie en speelde wat met de kinderen, de weg buiten in de gaten houdend. Toen de politie eindelijk aangekomen was nam ik afscheid van mijn zoontje. Hij blijft altijd in het raam staan zwaaien, dus al terugzwaaiend meldde ik me bij de politie. De situatie werd uitgelegd en het was iedereen duidelijk dat ik schuld had. Maar hij reed mij toch van achteren aan, probeerde ik voorzichtig. Dat geldt niet als je achteruit rijdt, zei de politie. Even overwoog ik nog om te ontkennen dat ik achteruit reed, maar mijn rechtschapen inborst nam de overhand en ik accepteerde ruiterlijk de schuld. Toen kon ik eindelijk weg. Nauwelijks 100 meter verder hoorde ik een schraperig geluid. Ik stopte en stapte uit. Het schutblad van het linkerachterwiel had losgelaten en sleepte over de grond. Ik verwijderde het en vervolgde mijn weg. Het weekend na dit voorval heb ik alles keurig kunnen repareren met een nieuwe plug voor het schutblad en wat kit voor de bumper. Ik gebruikte van die zwarte kit die ook gebruikt wordt voor het lijmen van de ramen bij nieuwerwetse auto’s. Dit is echt goed spul. Ik hield de barsten bij elkaar en de stukken bumper waar ze hoorden te zitten, smeerde het geheel dicht met de zwarte troep en klaar was het. Je ziet niet eens meer dat het kapot geweest is. Het geplakte stuk is nu alleen veel zwarter dan de rest van de bumper. Een kniesoor die daar op let. Ik dus, maar ik vond het toch teveel moeite om de gehele bumper met het spul in te smeren. (foto: de schade) Maar goed, tevreden genietend rijd ik verder, de winter in. Inmiddels is het eind november en de buitentemperatuur schommelt rond de 10 graden Celsius. Problemen met de koeling heb ik nu niet meer, dus ik kan weer iets sneller rijden. Het is nog niet zo koud dat ik mijn winterbanden al laat monteren, maar dat zal ergens in december wel moeten gebeuren. Laatst had ik nog een kleine LHM-olie lekkage die gelukkig snel verholpen was. Ook heb ik de afstandsbediening laten repareren. Ik had in oktober al een nieuw Kiekert-relaigh besteld voor ruim 200 gulden bij Andre Pol, dat volgens hem eenvoudig zelf te monteren was, maar ik kon het ding niet eens vinden. Eerst dacht ik dat het bij het daklicht moest zitten, maar dat bleek niet het geval. Andre mailde me dat het in de middenconsole zat, maar die kreeg ik er niet uit. Ik liet het dus maar aan de garage over en de monteur had het in vijf minuten gepiept. Het relaigh bleek bereikbaar via een roostertje voorin de middenconsole aan de bijrijderskant. Daar was ikzelf nooit opgekomen. Alles werkt nu weer naar behoren, alleen het lampje in de asbak is nog kapot, hetgeen de grote hoeveelheid geknoeide as er omheen verklaard, en de centrale deurvergrendeling blijkt niet alleen op de nieuwe afstandsbediening te reageren, maar ook op het uitzetten van de achterruitverwarming, die het overigens wel weer doet. Hoe dan ook, ik rijd in ieder geval heerlijk het nieuwe milennium in, op naar de 500000 kilometer! |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Last update: 01 Dec 2000